Maak een analyse voor 'De dag van'
Je hebt me vast al vaker horen mopperen op ‘de dagen van …’ en ‘de weken van …’. Zonder werkelijke maatregelen leidt het tot lege communicatie en daarmee is niemand geholpen. In de eerste helft van deze maand was het voor mij dus weer feest met Internationale Vrouwendag en de Internationale Dag tegen Discriminatie en Racisme.
Hoe zet je nu de stop op de vele verzoeken om hierover te communiceren? Er zit maar één ding op: maak een analyse. Het liefst vooraf, omdat je dan nog tijd hebt om samen te bepalen wat de concrete ambitie is, een analyse te maken van de verwachte impact en op basis daarvan een onderbouwd advies te kunnen geven ver de benodigde actie. Is het al een rijdende trein die niet meer te stoppen is of een ‘moetje’ (dienstopdracht)? Maak dan een analyse achteraf, zodat je de volgende keer goed beslagen ten ijs komt met je advies.
Laten we eens kijken naar Internationale Vrouwendag, die dit jaar op 8 maart was. We hoorden van een organisatie dat de directie vorig jaar een leuk filmpje had gemaakt om vrouwelijke collega’s die ‘mannenwerk’ in de organisatie doen in het zonnetje te zetten. Vast goed bedoeld, maar de reacties in de organisatie waren niet onverdeeld positief. Onder andere omdat de directie zelf de rollen in het filmpje speelde. Er is geen evaluatie gedaan, dus heeft de directie deze geluiden gehoord? En wat wilden ze eigenlijk precies bereiken? Heeft het filmpje daar (aantoonbaar) aan bijgedragen? Een terechte vraag om te stellen, omdat er behoorlijk wat tijd is geïnvesteerd in het maken ervan. Tijd die je ook voor iets anders had kunnen gebruiken.
Het gaat niet alleen om ‘nee’ zeggen tegen dit soort losse flodders. Bedenk samen wat een goed alternatief is. Als je echt iets wilt doen als directie kun je bijvoorbeeld de beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen in jouw organisatie transparant maken. Dat wordt voor organisaties met meer dan 50 medewerkers sowieso verplicht door de Europese Richtlijn Loontransparantie die in 2023 is aangenomen. Lees meer in dit interessante interview op de website van de SER met Sophie van Gool, econoom en schrijver, en Phoebe Cox, beleidsadviseur bij het College voor de Rechten van de Mens. Dat transparant maken hoeft trouwens helemaal niet te wachten tot de volgende Internationale vrouwendag: doe dat gewoon morgen.
Een kleine twee weken later was het op 21 maart de Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie. En weer vlogen er allerlei goede bedoelingen via de socials voorbij. We communiceren ons suf ‘dat iedereen erbij hoort’, maar hoe hangt de vlag er écht bij in al die organisaties? En wat doen bestuurders en managers in die organisaties? Ik zag een wethouder online oproepen om vooral melding te doen bij het landelijke meldpunt. Want dan doe je echt iets, zei ze erbij. Serieus? Wat gebeurt er dan met al die meldingen en vooral: wat merken de veroorzakers daarvan? Hoeveel meldingen zijn er eigenlijk bij de vertrouwenspersoon van jouw eigen organisatie binnengekomen afgelopen jaar over discriminatie en racisme? En welke actie volgde daarop? Uit onderzoek van het Kennisplatform Integratie en Samenleving blijkt dat er signalen zijn van institutioneel racisme bij gemeenten: zo ervaren ambtenaren van kleur en/of met een migratieachtergrond onder meer racisme in de omgangsvormen op de werkvloer, minder waardering, een gebrek aan steun bij het ervaren van racisme en minder kans op promotie. De processen en regels in de gemeentelijke organisatie lijken dit racisme niet te corrigeren maar eerder in stand te houden. Wil je iets doen tegen discriminatie en racisme? Begin daar dan mee! Movisie maakte een handig overzicht met hoe de gemeente discriminatie kan aanpakkenin de rollen van beleidsmaker, dienstverlener en werkgever.
Het was op 21 maart trouwens ook de ‘Dag van de alleenstaande ouder’ en ‘Wereld Downsyndroomdag’. Daar heb ik dan weer weinig over voorbij zien komen. Maar hoe staat het eigenlijk bij de overheid met gelijke behandeling van ouders (of ze nu alleenstaand zijn of niet) en mensen met een beperking? Of volstaan we met één of twee keer per jaar roepen dat ‘iedereen erbij hoort’?
Communiceren over ‘De dag van …’ is in heel veel gevallen het vinkje dat wordt gezet om te laten zien ‘dat we wat hebben gedaan’. Laat je als team Communicatie niet voor dat karretje spannen. Zorg dat eerst dat de ambitie concreet is en de analyse goed wordt gedaan, voordat je bepaalt of de inzet van communicatie zinvol is. Is daar allemaal geen tijd voor? Waarom zou je als team Communicatie dan tijd maken voor het communiceren over een losse flodder?
Je hebt wel wat beters te doen, toch?
Reageer